donderdag, augustus 11, 2005

Knuffeldieren en technologie

Vandaag in De Morgen : een artikel over technologie en knuffeldieren. Twee stokpaardjes van Planet Gadget...

FURBY

Sinds zijn introductie in 1998 gingen er liefst 40 miljoen exemplaren van de miljoen exemplaren van de Furby over de toonbank: een pluchen pluizenbol met een pluchen pluizenbol met een centrale chip, druk- en bewegingssensoren en ingebouwde spraaktechnologie, ingebouwde spraaktechnologie, die een eigen taaltje spreekt en interageert met mensen en soortgenoten.

De nieuwe soortgenoten.

De nieuwe versie van de Furby verstaat vijfhonderd woorden in ‘Furbisch’ (zijn eigen taal, volgens (zijn eigen taal, volgens de makers een mix van Japans, Thais, Hebreeuws en Mandarijns-Chinees) en nog eens evenveel Engelse nog eens evenveel Engelse woorden, en kan zijn gezicht in verschillende grimassen leggen.

Bovendien beschikt de nieuwe Furby over zes verschillende ‘liefdesniveaus’, waardoor de gebruiker het zelfs kan vervelen met zijn geknuffel.

TAMAGOTCHI

De nieuwe rage is tot nu toe een beetje beperkt gebleven tot de Aziatische speelgoedmarkt, maar ook het eerst gelanceerde het in 1996 voor het eerst gelanceerde troeteldier in een zakcomputer is aan een fikse revival bezig.

De Tamagotchi Plus, zoals producent Bandai het beest een naam heeft gegeven, kwam in maart vorig jaar op de markt en wist ondertussen alweer 10 miljoen kinderzieltjes voor zich te winnen. Pas in mei kwam er een westerse versie op de markt. De grote nieuwigheid aan het ding zit hem in het feit dat het nu – via een infraroodverbinding – ook kan communiceren met soortgenoten die zich in zijn buurt bevinden.

Van de allereerste tamagotchi werden er ook al 40 miljoen exemplaren verkocht.

AIBO

De robothond van de Japanse elektronicamaker is – met zijn winkelprijs die rond 1.500 euro ligt – een soort tamagotchi voor mensen met poen.

Net als een echte viervoeter reageert de robothond op geaai en gemurmel van zijn baasje en rent hij achter balletjes aan, en net als de Furby’s en de tamagotchi’s van deze wereld herkent hij ondertussen ook zijn soortgenoten. Tijdens de jaarlijkse RoboCup, een voetbalcompetitie voor robots, is er ondertussen al een speciale categorie van voetbalmatchen waaraan Aibo’s deelnemen. En er zijn meer mogelijkheden. Een trotse eigenares, die haar eigen Aibo uit elkaar haalde en de interne software een beetje liet bijwerken: “Je kunt het ding zelfs ombouwen tot antidiefstaldetector.”

GUPI

Jo Lernout, van het failliete spraaktechnologiebedrijf dat voor de helft zijn naam droeg, vult tegenwoordig onder meer zijn dagen als consultant voor de Belgische speelgoedmaker Cutting Edge Toys en probeert in die hoedanigheid de robotcavia Gupi in de markt te zetten.

Het beestje (‘Gupi’ is een afkorting voor ‘Guinea pig’, de Engelse benaming voor de cavia) heeft sensoren in zijn ogen, zodat het niet stomweg tegen muren oploopt, en in zijn voetjes, zodat hij niet van tafelranden of trappen tuimelt. Als zijn baasje hem niet aait, kruipt hij eenzaam in een donker hoekje van het huis weg.

En hij dient geregeld te worden gevoed met een bijgeleverde plastic wortel.

NINTENDOGS

Dit najaar lanceert de Japanse videospellenmaker Nintendo een soort ‘virtuele puppy’ voor zijn DS-zakspelconsole.

De speler kan in het begin kan in het begin van het spel een hondje kiezen uit een brede waaier van rassen (van labradors tot chihuahua’s) en moet over het in de Nintendo DS ingebouwde aanraakschermpje wrijven en in het microfoontje blazen om het beestje te verzorgen en te trainen. Als de pup voldoende getraind is, mag hij zelfs meedoen aan hondenshows. Als hij wordt uitgelaten leert hij interageren met andere beestjes, en als twee Nintendo DS-consoles zich in elkaars buurt bevinden (ze ontdekken dat automatisch dankzij een ingebouwd radiozendertje), kan hij zelfs een snuffelsessie aangaan met de Nintendog van een andere eigenaar.

Geen opmerkingen: